Verhoogde Tegemoetkoming
Vandenbroucke verwijt coalitiepartners "hypocrisie"
Minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit) heeft zijn coalitiepartners N-VA en MR wandelen gestuurd over de toekenning van de verhoogde tegemoetkoming en de rol van de ziekenfondsen daarin. "Hoe hypocriet kunnen jullie zijn", haalde hij in de Kamer uit naar parlementsleden Frieda Gijbels (N-VA), Daniel Bacquelaine (MR) en Alexia Bertrand (Anders).
Dezelfde drie Kamerleden hadden de minister voorgeschoteld dat MR-minister Eléonore Simonet (MR) een brief had ontvangen van haar ziekenfonds met de melding dat ze misschien in aanmerking komt voor de verhoogde tegemoetkoming. Dat systeem moet ervoor zorgen dat mensen met een laag inkomen minder moeten betalen voor gezondheidszorg. Het is met andere woorden niet meteen uitgevonden voor ministers.
Bertrand, Gijbels en Bacquelaine zijn al langer kritisch voor de rol van de ziekenfondsen. Binnen hun partij rezen ook al vragen over de verhoogde tegemoetkoming en vooral over het aantal mensen dat er vandaag een beroep op kan doen, vergeleken met het armoederisico. "Moeten we dit normaal vinden?", vroeg Gijbels.
Onderzoek
Volgens minister Vandenbroucke zou zijn liberale collega nooit die tegemoetkoming hebben gekregen. Het ziekenfonds heeft zich volgens hem gebaseerd op de fiscale gegevens uit 2024 van Simonet, toen ze nog parlementslid en advocaat was. En de gegevens over haar inkomen als parlementslid zitten niet in de databank waarop het ziekenfonds zich baseert. Maar mocht Simonet de brief van het ziekenfonds positief hebben beantwoord, dan zou er een onderzoek hebben gevolgd en zou ze nooit in aanmerking zijn gekomen, luidde het.
Maar het hoefde volgens minister Vandenbroucke zo ver niet te komen, mochten de coalitiepartners instemmen met zijn voorstel om toegang te geven tot alle databanken. "Maar de drie partijen die het hier schandalig vinden, zijn drie partijen die dat blokkeren", luidde het. "Hoe hypocriet kunnen jullie zijn?"
Bertrand hekelde dat het systeem ontspoord is en dat de minister het enkel gebruikt om een vermogenskadaster in te voeren. "Het is gewoon een feit dat de ziekenfondsen zoveel mogelijk middelen uit de sociale zekerheid willen halen om onder hun leden te verdelen", klonk het bij Gijbels. "U hebt niet meer deontologie dan de ziekenfondsen", haalde Bacquelaine dan weer uit.
Motie van vertrouwen/wantrouwen
Ook minister Simonet liet zich nadien niet onbetuigd. "In plaats van de aandacht af te leiden met persoonlijke aanvallen, zou het nuttiger zijn om concrete antwoorden te geven op de legitieme vragen die rijzen over de toekenning en het beheer van het RVT-stelsel", stelt ze.
Ze noemt het "niet normaal" dat ze een brief van haar ziekenfonds ontving - zeven maanden nadat ze minister was geworden - "waarin mij wordt voorgesteld mijn situatie te analyseren om na te gaan of ik in aanmerking kom voor het RVT-statuut. Tegen deze proactieve aanpak van de ziekenfondsen moet kunnen worden ingegaan. Zeker wanneer men objectief gezien niet voldoet aan de voorwaarden voor de toekenning van dat statuut."
Ze merkt nog op dat haar gegevens en de daarmee samenhangende inkomsten bekend zijn bij de administratie.
Het dossier kreeg nog een staartje aan het einde van de plenaire vergadering. Bij de stemming over een eenvoudige motie na een interpellatie aan Vandenbroucke - normaal gezien een formaliteit - volgde een waarschuwing van de MR aan zijn adres. "We spreken onze steun uit, maar met enige twijfel", verklaarde fractieleider Benoît Piedboeuf. Hij laakte de "persoonlijke beschuldigingen" van Vandenbroucke aan het adres van Simonet. "We hadden beter verwacht", luidde het.