De impact van geestelijke gezondheid op economie en groei
In België kosten mentale aandoeningen 7 à 8% van het gezondheidszorgbudget. Bovendien gaat twee procent van het bbp verloren door verminderde deelname aan de arbeidsmarkt en gedaalde productiviteit.
Tijdens een studiemiddag die door de Belgische Vereniging van Ziekenhuisdirecteurs op 9 juni in Brussel werd georganiseerd, wees econoom Philippe Ledent (senior econoom bij ING en gastdocent aan diverse universiteiten) op de aanzienlijke economische impact van geestelijke gezondheid.

Net als andere gezondheidsthema’s heeft geestelijke gezondheid niet alleen een medische en organisatorische dimensie, maar ook een zeer belangrijke economische component, benadrukte prof. Ledent.
"Dat zien we heel duidelijk in België aan de hand van de kwestie van langdurig zieken, van wie een groot deel lijdt aan psychische stoornissen, depressies of burn-outs, al dan niet reëel. Deze realiteit leidt uiteindelijk tot een debat over het economisch beleid. Waarom? Omdat het geld kost zodra mensen niet meer op de arbeidsmarkt aanwezig zijn.”
Een OESO-rapport als uitgangspunt
"Om deze kwestie aan te pakken, heb ik me gebaseerd op een bijzonder interessant uitgangspunt: The Economic Case for Preventing Mental Ill Health, een rapport van de OESO dat op 30 april 2026 is gepubliceerd, met gegevens tot en met 2023. Het document van ongeveer 160 pagina's is volledig gewijd aan de economie van psychische aandoeningen."
Eerste element: het aandeel van de bevolking met allerlei soorten psychische aandoeningen. In 2023 had 22% van de Belgische bevolking te maken met psychische problemen in de brede zin (OESO-gemiddelde: 20%). Het meest getroffen land is Groot-Brittannië (28%). Sinds 1990 is het aandeel van de bevolking dat met deze stoornissen te maken heeft in de OESO-landen met ongeveer 20% gestegen.
In België krijgt ongeveer 40% van de betrokkenen de juiste zorg. Maar dat betekent ook dat 60% de benodigde zorg niet krijgt.
Angst is tegenwoordig de belangrijkste stoornis. Er duiken ook nieuwe vormen van angst op, zoals klimaatangst, die verband houdt met milieucrises en debatten over het klimaat.
Angststoornissen worden gevolgd door depressieve stoornissen en daarna stoornissen die verband houden met middelengebruik, met name alcohol. Daarna volgen andere aandoeningen, zoals schizofrenie of bipolaire stoornissen.
"Een ander resultaat sprak me bijzonder aan: de zorgdekking. Met andere woorden, welk deel van de mensen die geestelijke gezondheidszorg nodig zouden hebben, krijgt daadwerkelijk adequate zorg? Het resultaat is opvallend. Geestelijke gezondheid blijft het stiefkindje van de gezondheidszorg. In België staan we vrij hoog op de ranglijst, met ongeveer 40% van de betrokkenen die de juiste zorg krijgen. Maar dat betekent ook dat 60% die zorg niet krijgt.” Ook al gaat het misschien om lichte aandoeningen, het is toch zorgwekkend.
Een verlies aan gezonde levensjaren
Tweede grote vraag: wat is de economische impact van deze aandoeningen?
De OESO heeft een specifieke studie uitgevoerd voor de Europese landen, met een prospectieve benadering voor de periode 2025-2050. "In België zouden psychische stoornissen ongeveer drie jaar minder gezonde levensjaren betekenen. Op Europees niveau ligt dat eerder rond de tweeënhalf jaar."
Een ander aspect: de budgettaire kosten. Volgens de raming van de OESO zal de behandeling van psychische stoornissen in de periode 2025-2050 in de Europese landen ongeveer 76 miljard euro per jaar bedragen. Dat komt neer op gemiddeld ongeveer 6 % van de totale gezondheidszorgbudgetten.
"In België ligt dat percentage iets hoger, rond de 7 à 8 %. Dit cijfer omvat zowel de directe behandeling van psychische stoornissen als de comorbiditeiten, dat wil zeggen de andere aandoeningen die kunnen optreden of verergeren als gevolg van deze stoornissen."
Dat komt neer op ongeveer 300 euro per persoon per jaar, berekent de econoom.
Het rapport geeft ook een interessante schatting: met hoeveel zou de zorg moeten worden uitgebreid zodat iedereen die dat nodig heeft, de juiste zorg kan krijgen? Voor België schat de OESO dat de zorg met ongeveer een derde moet worden uitgebreid.
Een directe impact op de arbeidsmarkt
Met het OESO-model kan ook de impact van psychische stoornissen op de werkgelegenheid worden ingeschat.
"Deze stoornissen kunnen verschillende gevolgen hebben. Sommige mensen zijn niet meer aanwezig op de arbeidsmarkt. Anderen hebben een baan, maar zijn afwezig. Weer anderen zijn wel aanwezig op het werk, maar minder productief vanwege hun stoornissen. Ten slotte verlaten sommige mensen de arbeidsmarkt voortijdig aan het einde van hun loopbaan."
In het geval van België schat het OESO-model dat de impact van psychische stoornissen overeenkomt met ongeveer 30.000 voltijdsequivalenten waarvan de samenleving niet kan profiteren.
In België zijn er ongeveer 600.000 langdurig zieken. We schatten dat minstens een derde van hen te maken heeft met psychologische problemen of psychische stoornissen. We kampen dus met aantallen van een veel grotere orde van grootte.
Dit toont aan dat er achter de kwestie van langdurig zieken een echte anomalie schuilgaat, die zelfs het model niet volledig kan weergeven.
Tot 2% van het bbp gaat verloren
Als mentale aandoeningen stoornissen sommige mensen van de arbeidsmarkt houden, betekent dit ook dat een deel van de economische activiteit niet kan worden gerealiseerd.
"In het geval van België schat de OESO in haar modellen dat deze impact overeenkomt met ongeveer 2 % van het bbp. Het Belgische bbp bedraagt ongeveer 650 miljard euro. Eén procent van het bbp vertegenwoordigt dus ongeveer 6,5 miljard euro. Twee procent komt overeen met ongeveer 12 tot 13 miljard euro.”
Met andere woorden, het is alsof België zich elk jaar meer dan 12 miljard euro ontzegt als gevolg van de impact van psychische stoornissen op de arbeidsmarkt.
Wanneer we dit cijfer vergelijken met de uitgaven voor geestelijke gezondheidszorg, zien we dat er een echte 'business case' te onderzoeken valt, om het in managementtermen te zeggen.
Geestelijke gezondheid, groei en productiviteit
België worstelt met een begroting die niet in evenwicht is. De staat is op zoek naar miljarden. We zien echter dat de begroting voor de gezondheidszorg sneller stijgt dan het bbp. Als we 2010 als basis 100 nemen, bereikt het Belgische bbp 177 in 2025 en de uitgaven voor gezondheidszorg 186, de pensioenen 210 en de langdurig zieken 283 (in dit laatste geval is er dus echt sprake van een explosieve stijging).
De uitdaging voor economen – aangezien de uitgaven voor gezondheidszorg sneller stijgen dan de groei van het bbp – is dus om te weten hoe de groei kan worden versneld.
"Hoe kunnen we het bbp sneller laten groeien? Een deel van het antwoord ligt in het aantal mensen op de arbeidsmarkt. We hebben gezonde handen en hersenen nodig, ook op het gebied van geestelijke gezondheid. We hebben mensen nodig die kunnen bijdragen aan de economische activiteit, die kunnen werken, produceren, innoveren en productiviteitswinst genereren. Dit is een echte economische uitdaging voor de Europese landen. En geestelijke gezondheid speelt hierin een volwaardige rol.”
IN HET KORT
Geestelijke gezondheid is zowel een economisch als een medisch vraagstuk geworden: 22 % van de Belgen zou te maken hebben met psychische stoornissen.
De zorg blijft ontoereikend, aangezien slechts 40% van de patiënten de juiste zorg zou krijgen.
Deze aandoeningen zorgen voor meer uitgaven in de gezondheidszorg, terwijl de uitgaven voor gezondheidszorg al sneller stijgen dan het bbp.
Mentale aandoeningen wegen ook op de werkgelegenheid en de groei: ziekteverzuim, daling van de productiviteit, langdurige ziekte en tot 2% verlies aan bbp volgens de aangehaalde modellering.