PremiumArtsensyndicaten

Debat artsensyndicaten: waarheen met de nomenclatuurhervorming?

"Geen one size fits all voor alle gezondheidszorg in heel België"

De nomenclatuurhervorming gaat gestaag verder. Recent werden nog rapporten gepubliceerd over de relatieve zwaarte van verstrekkingen en een inschatting van de praktijkkosten in ziekenhuizen. Hoe kijken de syndicaten naar het proces, en welke valkuilen zien ze?

Filip Ceulemans & Erik Derycke - 8 september 2026

Jos Vanhoof (BVAS): Het opzet van de nomenclatuurhervorming was goed: transparantie bekomen in de kosten van een verstrekking, en een veel beter evenwicht tussen de verschillende specialiteiten wat de vergoeding van de intellectuele arbeid betreft. Dat resulteerde in het creëren van de beruchte RVU's (relative value units) die overgekomen zijn uit de Verenigde Staten, waarbij men hier in België drie componenten hernomen heeft: tijd, complexiteit en risico.

Voor een raadpleging heeft men een duur van twintig minuten genomen. Wat ons daarin verontrust is: je kan spreken over twintig minuten minimum of twintig minuten maximum. Voor ons mag die twintig minuten geen minimumduur worden, want dat zou betekenen dat je maar drie patiënten per uur kan zien. Dat zou de zorgcapaciteit verder beperken en leiden tot nog meer uitgestelde zorg, langere wachttijden, nog meer zorginfarcten.

Liesbet Brepoels
Lieselot Brepoels, ASGB/Kartel.

Lieselot Brepoels (ASGB/Kartel): Wij zijn ook gestart vanuit de vraag naar meer transparantie en een herijking tussen de verschillende disciplines. Een hele grote spreidstand kan niet enkel verklaard worden door belasting. Daarvoor moet je ook de kosten in kaart brengen, want je kunt geen zwaar technische dienst vergelijken met iets wat zeer weinig investeringen vraagt.

'Ik mag er niet aan denken dat er een middenkader gecreëerd moet worden enkel om te beslissen over met welk toestel een arts moet werken'
 – Lieselot Brepoels, ASGB/Kartel

Alleen is er een heel groot verschil tussen het onderscheiden van kosten versus de intellectuele acte en de vergoeding daarvoor, en het splitsen van die twee zoals het nu eigenlijk evolueert, waarbij het kostengedeelte van het honorarium wordt toegewezen aan een andere structuur. De facto voor specialisten is dat meestal het ziekenhuis – extra muros blijft het bij de specialist.

Ik mag er niet aan denken – we zitten al met overheidsaanbestedingen en blablabla – dat er een middenkader gecreëerd moet worden enkel om te beslissen over met welk toestel een arts moet werken. Als we als arts niet meer kunnen beslissen met welke toestellen we werken, dan zijn we eigenlijk niet beter af.

Jos Vanhoof: Wij hebben gezegd dat verantwoordelijkheid over de aankoop van toestellen bij de medische raad moet komen. De zeggenschap over alles wat artsgerelateerd is, mag niet overgeheveld worden naar het directiecomité dat het budget financiële middelen beheert, maar moet via inspraak en maximale co-governance gebeuren.

Lieselot Brepoels: Voor ons moet dat zo dicht mogelijk bij de associatie gebeuren. Een medische raad heeft geen verstand van mijn toestel. Het is de arts die moet kijken: wat ga ik doen de komende tien tot vijftien jaar, wat heeft mijn bevolking nodig, wat heeft mijn dienst nodig?

Marieke Geijsels (ViaCaro): Ik denk dat je hier de synthese voelt van alle dingen die we al besproken hebben. Momenteel wordt gewerkt aan de plausibiliteitsberekeningen. Er ligt een bepaald model voor, waar volgens mij niet is gezegd dat je minstens twintig minuten met de patiënt bezig moet zijn. Dat gaat over gemiddeldes. Nu zullen er berekeningen gebeuren om te zien of we nu werkelijk bereiken wat we voorop hebben gesteld.

Daar denk ik dat we het duidelijk moeten benoemen: het verminderen van de kloof binnen een vast budget wil zeggen dat voor bepaalde artsen het loon naar beneden zal gaan. Dat is geen fijne boodschap. Maar dat is wel de consequentie: tenzij we ineens magischerwijze een gigantisch extra budget krijgen, wat niet gaat gebeuren, zullen bepaalde lonen achteruitgaan. En dat is niet fijn.

Jos Vanhoof: Maar wel correct.

Marieke Geijsels: Ja, dus daar moeten we ook gewoon eerlijk in zijn. Het gevaar van de oefening zoals ze nu voor ligt, is dat iedereen al in zijn achterhoofd zit te denken, ah ja, maar op hoeveel RVU's en op welk loon kom ik dan uit? Waardoor er verschoven wordt met de waardes die ze denken te hebben, om uit te komen op een loon dat gelijk blijft.

Bovendien is er niet één kost die voor iedereen en overal hetzelfde is. Dat varieert in de tijd en in persoonlijke keuzes. Wil je een chique tafel of een van de IKEA? Wil jij veel ondersteuning hebben of neem je zelf je telefoon op?

Jos Vanhoof: Ook de regio: denk maar aan huurprijzen in Brussel, Antwerpen of Gent, versus bij ons.

Marieke Geijsels: Ja, dat is al een gigantisch verschil. Dus is het misschien ook wel naïef om te spreken over 'de' kost. Het gevaar is ook dat we uitgaan van de situatie zoals ze nu is, dat het geld dat we nu uitdelen aan bepaalde onderdelen, reflecteert wat die effectief waard zijn. Maar dat is misschien niet zo. Ik denk dat we allemaal ook aanvoelen dat, omdat bepaalde zaken niet op de correcte manier vergoed worden, bepaalde budgetten worden doorgeschoven of creatiever geïnterpreteerd worden. Als we dan uitgaan van de puzzel zoals die er nu ligt om de nieuwe puzzel te leggen, zullen daar onvermijdelijk denkfouten insluipen.

Dus, ja, er zal een hele shift nodig zijn, waarbij er een redelijke vrijheidsgraad aan de basis nodig is. Ik denk niet dat we één one size fits all kunnen doen voor alle gezondheidszorg in heel België.

Jos Vanhoof: Dat vind ik wel een enorme opening, wat Marieke hier zegt, de vrijheid die er aan de basis moet zijn. In hoeverre krijgen we verantwoordelijkheid om het budget van die veertig miljard te beheren, in eigen beheer? Wat zullen de effecten zijn als wij een keer mogen tonen hoe we kijken naar gezondheidszorg en waar we middelen voor voorzien, in samenspraak met de relatie die het dichtst bij ons aanleunt, namelijk onze patiënt.

Ik ben blij dat Marieke daarop alludeert, want ik hoor je heel duidelijk zeggen: vrijheid aan de basis, een nieuw model, hertekenen van de gezondheidszorg. De voornaamste stakeholders en actoren daarin zijn volgens mij de patiënt, de gemeenschap die moet geraadpleegd worden, en de zorgactoren.

Proef ons gratis!Word één maand gratis premium partner en ontdek alle unieke voordelen die wij u te bieden hebben.
  • wekelijkse newsletter met nieuws uit uw vakbranche
  • digitale toegang tot 35 vakbladen en financiële sectoroverzichten
  • uw bedrijfsnieuws op een selectie van vakwebsites
  • maximale zichtbaarheid voor uw bedrijf
Heeft u al een abonnement? 

Wat heb je nodig

Meer weten over

Deel je (nieuws)verhaal

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden
Print Magazine

Recente Editie
09 juli 2026

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine