Vandenbroucke: geen uitbreiding gedeeld farmaceutisch dossier tot andere gezondheidsproducten
Volksvertegenwoordiger Florence Reuter (MR) stelde een schriftelijke vraag aan minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke over het gedeeld farmaceutisch dossier en het apothekennet.
Herman Nys, em. prof. medisch recht KU Leuven

Florence Reuter (MR) richtte een schriftelijke vraag aan minister Vandenbroucke over het gedeeld farmaceutisch dossier (GFD). Reuter stelt dat ons land beschikt over een zeer dicht apothekennet. "Bijna de hele bevolking woont op minder dan een kilometer van een apotheek. Die nabijheid vormt een grote troef om te garanderen dat alle burgers toegang hebben tot geneesmiddelen en gezondheidsproducten in een beveiligd kader."
Versterken van de rol van de apotheken
Een eerste vraag had betrekking op het waarborgen van de toegang tot een apotheek in de buurt. Hoe wil de minister die rol versterken?
De minister antwoordde dat er in België meer dan 4.500 apotheken ten dienste staan van 11.825.551 inwoners op 1 januari 2025. Dat betekent dat er gemiddeld slechts zo'n 2.600 tot 2.700 inwoners per apotheek zijn. Daarmee behoort ons land tot de best toegankelijke landen van Europa op het vlak van farmaceutische zorg. Ter vergelijking, in Nederland is het gemiddelde méér dan 12.600 inwoners per apotheek, voor Frankrijk 12.300 inwoners en Duitsland gemiddeld 4.900 inwoners per apotheek.
België kent een uitzonderlijk hoge apotheekdichtheid.
Deze cijfers tonen duidelijk aan dat België een uitzonderlijk hoge apotheekdichtheid kent. De Belgische bevolking kan dus rekenen op een veel fijnmaziger netwerk en een bijzonder vlotte toegankelijkheid tot farmaceutische zorg.
Desalniettemin heeft men met de herziening van de wetgeving voor overplaatsing van apotheken in 2022 de mogelijkheid voorzien dat in elke gemeente minstens één apotheek vergund kan worden.
Geen uitbreiding van het GFD tot andere gezondheidsproducten
Vervolgens werd gevraagd of de minister overweegt om het toepassingsgebied van het GFD uit te breiden tot andere gezondheidsproducten die in de apotheken worden verkocht. Zo ja, tot welke producten en volgens welk tijdpad?
Hierop antwoordde de minister kort en bondig: ‘Ik voorzie niet om het toepassingsveld van het gedeeld farmaceutisch dossier uit te breiden tot andere gezondheidsproducten die in de apotheek worden verkocht’.
Zicht op alle afleveringen
Het actieplan ‘Handhaving in de gezondheidszorg 2026–2030' van het RIZIV wil dat apothekers in real time zicht krijgen op alle afleveringen aan een bepaalde patiënt voor onder meer hoofdstuk IV‑geneesmiddelen en ‘gevoelige’ geneesmiddelen zoals verdovende middelen, pregabaline en methylfenidaat.
Misbruik hiervan vindt voornamelijk plaats door middel van valse voorschriften of medische/farmaceutische shopping (consultaties bij verschillende voorschrijvende artsen en afhaling bij verschillende apotheken). De apotheker heeft geen zicht op de reeds geleverde/gefactureerde hoeveelheden van Hoofdstuk IV‑geneesmiddelen, aangezien de afrekening gebeurt op basis van een papieren document dat de patiënt bij levering overhandigt.
"Er is geen garantie dat het document bij eerdere leveringen correct en systematisch is ingevuld, noch dat de patiënt niet over meerdere exemplaren beschikt (bijvoorbeeld fotokopieën)", stelt het plan. Het gedeeld farmaceutisch dossier is hiervoor geen oplossing, want patiënten met slechte bedoelingen geven geen toestemming voor het delen ervan.
Parallel krijgen patiënten een overzicht van alle op hun naam aangerekende gezondheidszorgen, wat de kans vergroot dat foutieve of ongeoorloofde aanrekeningen worden opgemerkt en gemeld.