Drie thuisverpleegkundigen factureren nu al boven jaarplafond: "Tart alle verbeelding"
De ziekenfondsen trekken aan de alarmbel. Uit proactieve controles van het Nationaal Intermutualistisch College (NIC) blijkt dat sommige thuisverpleegkundigen in de eerste maanden van 2026 al uitzonderlijk hoge prestaties hebben gefactureerd. Drie verpleegkundigen overschreden na amper vier maanden het wettelijke jaarplafond, goed voor ongeveer 235.000 euro aan prestaties. Daarnaast zagen controleurs bij bijna 400 zorgverleners een opvallend snelle stijging van het aantal gefactureerde prestaties.

Binnen de thuisverpleging geldt een maximumplafond, uitgedrukt in zogenaamde W-waarden, een rekeneenheid voor verpleegkundige prestaties. Een zelfstandige verpleegkundige mag jaarlijks maximaal 40.000 van die W-waarden attesteren, goed voor ongeveer 235.000 euro. Het Nationaal Intermutualistisch College (NIC), de overlegstructuur van de ziekenfondsen, meldde nu dat drie personen al boven die drempel uitkomen.
Facturen opgeschort, RIZIV onderzoekt dossiers
Na overleg binnen het CIN hebben de ziekenfondsen, in samenspraak met het RIZIV, beslist om onmiddellijk maatregelen te nemen. De drie betrokken verpleegkundigen ontvangen een aangetekende brief waarin zij worden geïnformeerd over de gevolgen van hun facturatiepraktijken. Nieuwe facturen die zij indienen bij de ziekenfondsen worden voorlopig opgeschort. Ook de controlediensten van het RIZIV kregen de nodige informatie om het onderzoek verder te zetten.
“Zo'n hoog aantal prestaties is op zich al zorgwekkend. Maar wat ons vooral zorgen baart, is hoe dit in de praktijk uitpakt voor de betrokken patiënten. Hoeveel tijd en aandacht krijgen zij werkelijk van deze verpleegkundingen?”, reageert Paul Callewaert, secretaris-generaal van Solidaris en vertegenwoordiger van het NIC.
Ook de Vlaamse Beroepsvereniging voor Zelfstandige Verpleegkundigen (VBZV) reageert verontwaardigd. "Wat nu gebeurd is, tart alle verbeelding. Dit werpt een smet op een hele beroepsgroep die transparante en kwaliteitsvolle zorg aanbiedt", aldus algemeen directeur Sandrina Peeters. "Maar het gaat om drie zorgverleners. We mogen een hele beroepsgroep daarom niet als fraudegevoelig afschilderen."
VBZV pleit daarom voor meer transparantie. Dat kan door het invoeren van remgeld, waarbij de patiënt dus zelf een deel van de verzorging betaalt. De patiënt kan daarbij dan zelf achteraf controleren of alle zorg effectief verleend werd.
Bijna 400 zorgverleners onder verhoogd toezicht
De ziekenfondsen beperken zich niet tot deze drie dossiers. Bij ongeveer 400 thuisverpleegkundigen stellen ze vast dat het aantal gefactureerde prestaties opvallend snel stijgt. 94 van hen hebben de grens van 10.000 W-waarden al overschreden en lopen een aanzienlijk risico om ruim voor het einde van het jaar het plafond van 40.000 te bereiken. Zij ontvingen inmiddels een waarschuwingsbrief.
Voor verpleegkundigen in loondienst geldt een maximum van 22.000 W-waarden per jaar, wat overeenkomt met ongeveer 129.000 euro aan prestaties. Zelfstandige verpleegkundigen, of verpleegkundigen met een gecombineerd statuut, mogen jaarlijks maximaal 40.000 W-waarden factureren, goed voor ongeveer 235.000 euro.
Prestaties boven deze limieten worden niet langer terugbetaald door de ziekteverzekering. Wanneer een verpleegkundige toch zorg blijft verlenen boven het plafond, kan de volledige kostprijs worden doorgerekend aan de patiënt, zonder tussenkomst van de verzekering. Daardoor kunnen patiënten rechtstreeks de gevolgen ondervinden van facturatiepraktijken waarop ze zelf geen invloed hebben. Verpleegkundigen zijn verplicht om patiënten vooraf te informeren wanneer een prestatie niet langer in aanmerking komt voor terugbetaling.
De ziekenfondsen wijzen ten slotte op een nieuwe controlemaatregel die vanaf 1 januari 2027 van kracht wordt. Vanaf dan zal voor alle prestaties de elektronische identiteitskaart van de patiënt moeten worden gescand. Die verplichting moet helpen om beter te controleren of de gefactureerde zorg daadwerkelijk werd verstrekt.